Instructies geven aan je kind

november 2nd, 2018 Posted by Opvoeden No Comment yet

De manier waarop je instructies geeft, heeft veel invloed op het gedrag van je kind. Trap jij ook in deze valkuilen?

• te veel
• te weinig
• te moeilijk
• het verkeerde moment
• te vaag
• vragend
• verwarrende lichaamstaal

Wanneer je als ouder te veel instructies (tegelijk) geeft, is het voor je kind niet duidelijk wat er nu precies van hem verwacht wordt. Met als gevolg dat je kind vervolgens waarschijnlijk geen enkele instructie uitvoert. Geef één instructie per keer. En wacht totdat je kind die opgevolgd heeft, voordat je een volgende instructie geeft. Wanneer je bijvoorbeeld zou zeggen: “Houd nou toch eens op met rotzooi maken en gillen en ruim je speelgoed op”, is dit niet duidelijk voor je kind. Dit zijn 3 instructies tegelijk en dus te veel.

Je kunt ook te weinig instructies geven. Jij verwacht misschien van je kind dat hij wel weet dat het speelgoed opgeruimd moet worden voordat jullie gaan eten, of dat het zijn jas aantrekt als jullie weg gaan. Voor jou is dit vanzelfsprekend, maar voor je kind niet altijd. Vertel hem dus duidelijk wat je van hem verwacht.

Instructies kunnen te moeilijk zijn. Geef een instructie die past bij de leeftijd en ontwikkeling van je kind. Wanneer je je kind van 2 jaar de instructie geeft om “stil te zitten” tijdens het kijken van een filmpje op tv zal hij dit waarschijnlijk niet opvolgen. Of, maar heel even doen. Een kind van 2 jaar kan namelijk nog niet lang stilzitten.

Een te vage instructie zorgt ervoor dat je kind niet weet wat er van hem verwacht wordt. Een mooi voorbeeld hiervan heb ik van mijn zoon en mij. Tijdens het ontbijt zat mijn zoon aan tafel met een boterham en stond ik in de keuken, vlakbij hem, brood te smeren. Ik had haast en wilde dat mijn zoon het brood ging eten en daarna zijn tanden ging poetsen. Dat had ik in mijn hoofd, maar dit zei ik niet. In plaats daarvan zei ik: “schiet eens op”. Na een paar seconden was hij nog niet aan het eten en zei ik nogmaals: “schiet eens op”. Geen reactie. Toen ik het nog een keer herhaalde, nu wat bozer, zei mijn zoon boos: “waar moet ik mee opschieten dan?!” Een duidelijk voorbeeld van een te vage instructie. Toen ik daarna zei: “Ik wil dat je je brood opeet en daarna je tanden gaat poetsen”, zei hij: “ok” en volgde mijn instructies op. Een ander voorbeeld van een te vage instructie: “Ruim je speelgoed eens op!” Voor (jonge) kinderen kan dit onduidelijk zijn. Wanneer je zou zeggen: “Doe je autootjes maar in de bak en daarna de puzzelstukjes in de doos”, heb je een grotere kans dat je kind dit wel opvolgt.

Ga altijd naar je kind toe als je een instructie geeft. Kijk je kind aan. Geef instructies nooit vanuit een andere ruimte. Zo kun je namelijk niet controleren of je kind je gehoord heeft. Zorg ervoor dat een instructie nooit vragend is, zoals “Wil je je jas even aantrekken?” of “Zullen we gaan?”. Wanneer je een vraag stelt heeft je kind namelijk de kans om “nee” te zeggen. Zeg in plaats daarvan: “Ik wil dat je je jas aan gaat trekken” of “We gaan naar de winkel”.

Verwarrende lichaamstaal komt ook veel voor wanneer we instructies geven. Hiermee bedoel ik dat wanneer je genoeg hebt van het vervelende gedrag van je kind, je zegt: “Ik wil dat je nu stopt met zeuren”, maar er tegelijkertijd vriendelijk bij kijkt. Of wanneer je wilt dat je kind stopt met bepaald gedrag, bijvoorbeeld slaan, dat je dit dan vriendelijk en met zachte stem tegen hem zegt. Wees duidelijk. Wanneer je wilt dat gedrag stopt, kijk er dan ook streng bij en let op de intonatie van je stem.

De spiegel

november 1st, 2018 Posted by Opvoeden No Comment yet

Iedereen kijkt wel eens in een spiegel. ’s Ochtends na het opstaan, onderweg of als je door de stad loopt in een etalageruit.

De éne keer zijn we meer tevreden dan andere keer.

Het wordt echter anders als je eigen kind je een spiegel voorhoudt.

Je kent het vast wel… een oeps momentje.

Je hoort jezelf of je partner ineens terug. Dochter en vriendinnetje spelen leuk samen tot er ruzie ontstaat, het vriendinnetje niet doet wat je dochter wil, en dan zegt ze: en nu is het klaar, je gaat naar je kamer tot je bent afgekoeld en normaal kunt praten. Ze weet de juiste woorden te gebruiken en ze heeft de exacte toon te pakken.

Je bent op visite, je zoon vertelt dat jij altijd roept dat je de tegenstander voor de schenen moet schoppen als er gevoetbald wordt en de regels niet worden nageleefd. Terwijl jij net een betoog hebt gehouden over ouders die langs de lijn staan te schreeuwen en hoe belachelijk dit is. Het” ja maar papa jij roept altijd” momentje noem ik dat.

Iedere ouder kent deze spiegel.

Kinderen bezitten een goed observatievermogen en zijn al zeer jong instaat om ons na te doen in gedrag en naarmate ze ouder worden in woorden en de intonatie. Baby`s vanaf 7 maanden zijn al instaat om op ons te reageren door ons na te doen.

De geluidjes, de gezichten, onze stem. Zij zullen ons de spiegel voorhouden juist op het moment dat wij dit niet verwachten. Kinderen zijn kampioen observeren! Wij hebben geleerd om ons met woorden te redden in de maatschappij, kinderen niet.

Vaak hoor ik ouders zeggen dat het éne kind precies lijkt op de vader en het andere op moeder. Natuurlijk de goede eigenschappen, niet de slechte. Het rekenen heeft ze van haar vader het creatieve van mij, goed hé dat sportieve, dat heeft hij van mij.

Als kinderen ons spiegelen worden we ons bewust van onze gedrag en de woorden die we gebruiken.
Laten we dankbaar zijn dat onze kinderen deze gave bezitten.

De rommel

oktober 18th, 2018 Posted by Opvoeden No Comment yet

Iedere ouder heeft het wel eens tegen zijn kind gezegd: ruim je kamer nou eens op!

De peuter moet het nog leren, de kleuter zou het moeten kunnen, het basisschool kind daarvan verwachten we dat ze het doen en de puber… die zou het gewoon moeten weten, hij/zij is immers oud genoeg. Helaas, iedere ouder ‘vecht’ een verloren strijd zolang de post op een stapel op tafel ligt. Aangebroken pakken op het aanrecht staan, papiertje door het huis slingeren. De vaat zich opstapelt in je keuken, de stapel wasgoed steeds groter wordt.

Er zijn zoveel voorbeelden te bedenken waarbij wij als ouder ‘rommel’ maken en dus model staan voor ons kind. Geef als ouder het goede voorbeeld en ruim op. Benoem ook: handig dat papa of mama altijd weet waar de sleutels zijn. Als je spullen altijd op dezelfde plek neerlegt, hoef je nooit te zoeken, dit scheelt tijd en frustratie.

Kijk ik pak iets, en voordat ik iets anders pak, ruim ik eerst even op. Vaak willen moeders dat de kamer wordt opgeruimd als ze willen schoonmaken. De vraag die je zou moeten stellen is: wil ik dat de kamer wordt opgeruimd, zodat ik makkelijk kan schoonmaken of wil ik dat de kamer wordt opgeruimd, zodat mijn kind het belang ziet van een opgeruimde kamer?

Als je vanaf het begin zelf model staat met je eigen spullen en uitlegt en verwoordt waarom opruimen handig is, dan is de kans zeer groot dat je kind je gewoon nadoet. De strijd gewonnen voor het gevecht is begonnen!

Visit Us On FacebookVisit Us On Linkedin